Gezondheid en ziekte

In een gezond lichaam verlopen alle processen zoals de natuur van het lichaam dat dicteert. Ook het opruimen van dode cellen en toxinen hoort hierbij. In de natuur zien we dat dood materiaal wordt opgeruimd door andere organisme en zorgen dat mineralen weer beschikbaar komen en organisch materiaal wordt afgebruiken tot H2O, CO2, NH3, CH4 e.d. waarbij deze voeden. Vliegenmaden ruimen dood vlees op. Schimmels ruimen plantaardig materiaal op.

Het oplossen van verstoringen is een onderdeel van processen.

We spreken van ziekte als het lichaam is blootgesteld aan spanningen die de regelcapaciteit te boven gaan.

Als de regelcapaciteit wordt overschreden, zal het organisme ziek worden, maar ziekte is een passende reactie op de spanningen. Ziekte is een overlevingsmechanisme, dat het lichaam is staat stelt spanningen te overleven, die anders de dood tot gevolg zouden hebben.

Ziekte is de aanpassing van het lichaam aan een situatie van spanningen, gekenmerkt toestanden van tekorten, vergif en stress.

Fases

Vergiftigingen zijn van invloed op de werking van het organisme. Vitaminen- en mineralentekorten verkleinen de regulatiecapaciteit. Geestelijke druk beinvloedt het organisme en verkleint tegelijk de regulatiecapaciteit.

In deze situatie doorstaat het organisme een serie aanpassingsfasen die een vast patroon volgen. De fasen zijn:

Fase 1: Regulatie

Dit is de gezonde fase, waarin het organisme constant kleine verstoringen reguleert door het aanpassen van de lichaamsfuncties. Slechts kleinere vergiftigingen, die door een verhoogde werkzaamheid van de reinigende organen — nieren, lever, huid, ingewanden en slijmvliezen — worden opgeruimd, komen voor.

Fase 2: Niet-functionering (verkeerde lichaamsfunctie)

In het geval dat spanning de normale regulatiecapaciteit van het lichaam to boven gaat, zullen de ontgiftende organen voortdurend in verhoogd tempo moeten werken. Met als gevolg dat andere lichaamsfuncties gelijktijdig gereduceerd zijn. Op de Lange duur zullen verkeerde functies voorkomen. Deze verkeerde lichaamsfuncties zullen vergezeld gaan van symptomen, die kunnen worden vastgesteld als ziektes, zoals hoofdpijn, vermoeidheid, constipatie, diarree. Men moet in de gaten houden, dat verkeerde lichaamsfuncties noodzaak zijn bij alsmede een doelmatige aanpassing aan een vergiftigingssituatie.

Fase 3: Acute infectie

Wanneer het lichaam, ondanks het gebruik van verkeerde lichaamsfuncties, die vergiftiging niet langer aankan, zullen infectieziekten zoals griep en verkoudheid optreden. De acute infectie is in feite een zeer efficient proces van zelfreiniging, waarbij de ontgiftende organen hun uiterste best doen. In deze situatie is er een verlies van eetlust en voelt men alleen behoefte aan drinken (verlichting), men wordt moe en slaapt (verlichting), men krijgt koorts en transpireert (verlichting).

Nadat een acute infectie voorbij is, zal het algemene gevoel van welzijn overheersen, vooropgesteld dat de infectie op de juiste wijze is behandeld, hetgeen betekent:

  1. in bed blijven tot de koorts weg is,
  2. vasten,
  3. drinken zoveel men wenst, bijvoorbeeld gekookt water, kruidenthee of puur groentesap.

Als de infectie echter verkeerd is behandeld, bijvoorbeeld door het gebruik van antibiotica, is het zeer waarschijnlijk dat de conditie zich ontwikkelt tot de volgende fase (fase 4). Daarom zouden antibiotica alleen moeten worden toegepast in een noodsituatie.

Fase 4: Chronische infectie

Door de behandeling met antibiotica, wordt de natuurlijke bacterieflora in het lichaam verstoord, en kunnen lichte chronische ziektes, bijvoorbeeld in de dikke darm, de aangezichtsholten, aan de galblaas, de urinewegen en de maag, alsmede amandel- en keelontsteking, gemakkelijk voorkomen.

De chronische infectie gaat slechts zelden met plaatselijke symptomen gepaard. Gewone reacties, zoals hoofdpijn, vermoeidheid en depressies doen zich altijd voor. De infectie, die bacteriën produceert, vormt giftig stofwisselingsafval (gifstoffen), die zeer veel bijdragen aan een verhoogde vergiftiging. Alle chronische ziektes gaan vergezeld van een plaatselijke infectie, op een of meer plaatsen in het lichaam, gewoonlijk in de hierboven genoemde organen.

Fase 5: Dispositie — opslag

Het lichaam moet nu een andere manier aanwenden om de verhoogde vergiftiging aan te kunnen. Ophoping van giftige stoffen in het bloed, zal dan de dood ten gevolge kunnen hebben en indien deze stoffen er in zouden slagen door te dringen in de lichaamscellen dan zouden levens bedreigende ziekten als kanker kunnen ontstaan. Het lichaam gaat deze situatie te lijf door het opslaan van de giftige stoffen in niet-vitaal weefsel zoals bindweefsel en spieren. Langzaamaan verliest het bindweefsel zijn elasticiteit en wordt slap. Allerlei soorten reuma en ‘traagheid’ in inwendige organen en bloedvaten kunnen verschijnen, zoals trage galblaas, trage maag, trage dikke darm met uitstulpingen en chronische constipatie, aambeien en spataderen. In deze fase verschijnen ook circulatiestoornissen. Dit soort ziektes noemen we depot-ziektes. Ook kunnen nierstenen en galstenen voorkomen.

Fase 6: Degeneratie (kanker)

Als de opslagcapaciteit van het bindweefsel overschreden wordt, dringen de gifstoffen de lichaamscellen binnen die in deze fase te lijden hebben van een tekort aan zuurstof en voedingsstoffen en die tegelijkertijd hun afval niet kwijt kunnen. De lichaamscellen worden bedreigd door de afwezigheid van zuurstof en voedingsstoffen en door vergiftiging. De verbranding in de cel wordt gestopt door de binnendringende gifstoffen, en de cel verandert in een kankercel, die kan overleven zonder zuurstof.

Fase 7: Dood

Als de degenaratie een bepaald punt heeft bereikt dan zal het lichaam niet meer in staat zijn om het leven te handhaven en zal de dood intreden.

Uit bovenstaande beschrijving volgt dat ziekte een geleidelijke, gepaste en noodzakelijke aanpassing is aan een spanningssituatie. De verhouding tussen de spanning en de regeneratiecapaciteit bepaalt de gezondheidstoestand. In principe hebben we slechts twee manieren om in deze situatie op een verstandige manier tussenbeide te komen. We kunnen: 1. de spanning verminderen en/of 2. de regulatiecapaciteit versterken.

Dit kan op verschillende manieren worden gedaan, maar alleen met natuurlijke middelen. Chemische, synthetische medicijnen doen het tegenovergestelde, dat wil zeggen zij veroorzaken spanning en blokkeren de mogelijkheid tot regulatie en daardoor onderdrukken zij de symptomen.

Als we zowel 1. als 2. met voldoende intensiteit doen, zal een situatie ontstaan, waarbij het organisme opnieuw in staat zal zijn de spanningen door regulatie te verwerken, wat betekent dat het lichaam sneller ontgift dan het vergiftigd wordt. Daardoor zal het zichzelf kunnen genezen, en zal het door de genoemde fases terugkeren naar fase 1.

De taak van de therapeut of de zieke zelf is om een ideale toestand te creëren, die de ziekte onnodig maakt, waardoor een natuurlijke regeneratie mogelijk wordt.

Behandeling

Het lichaam kan geholpen worden door het volgende:

  1. Een dieet dat het organisme voorziet van de nodige voedingsstoffen, maar het niet belast met overbodige of giftige stoffen.
  2. Het innemen van opwekkende stoffen, medicijnen en andere gifstoffen moet verlaagd worden.
  3. Men moet erop letten dat men voldoende rust en slaap krijgt.

De capaciteit tot regulatie kan versterkt worden door het gebruik van:

  1. Doses vitaminen en mineralen van gepaste grootte die de capaciteit tot regulatie stimuleren tot ver boven het normale.
  2. Thee getrokken van kruiden die de ontgiftende organen stimuleren.
  3. Beweging, frisse lucht, zon, sauna en overvloedige inname van vloeistoffen zoals gekookt water, kruidenthee en verse sappen.
  4. Homeopatische geneesmiddelen.

Wat maakt ons ziek

Uit het boven staande kunnen we al enige conclusies trekken.

  • Te korten aan vitaminen, mineralen, essisentiele aminozuren en vetzuren (omega 3).
  • Vergiftigingen via voedsel, water, lucht en huid. Alles wat niet lichaamseigen is.
  • CO2 vergiftiging. O2 tekorten.
  • Slaap tekorten.
  • Slechte levensstijl.
  • Electrische verstoringen, Wifi, GSM e.d.
  • Bacteiële besmettingen die toxinen afscheiden, zoals salmonella en butulisme.

Virussen staan niet in deze lijst omdat deze materie controversieel is. Deeltjes als exosomen lijken op virussen en zijn bestrijders van vergiftegingen en niet de oorzaak zoals in de virus theorie. Men vindt iets en een ziekte beeld en weet niet van de oorzaak en gevolg is.

In de eerste plaats zijn virussen geen levende organismen of levende microben zoals bacterieen. Ze hebben geen ademhalingssysteem en ook geen kern of voedselverterend systeem. Virussen zijn niet levend en daarom ook niet besmettelijk.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *